Op avontuur in de Waarbeek

Jeroen en Bambi waren uitgenodigd door Postbode Pelle om een dagje te komen spelen in Attractiepark de Waarbeek. Wat hadden ze daar zin in! Zodra ze het park binnenliepen, keken ze hun ogen uit. Overal waren lachende kinderen, vrolijke muziek en kleurrijke attracties. “Welkom in de Waarbeek!” zei Postbode Pelle vrolijk. “Wisten jullie dat dit park al heel oud is? Hier komen al meer dan honderd jaar kinderen om te spelen!” “Wauw!” zei Jeroen. “Dat is echt supergaaf!”

Al snel liepen ze richting de beroemde Rodelbaan. “Die is al meer dan 100 jaar oud,” vertelde Postbode Pelle trots. Bambi keek een beetje twijfelend naar de achtbaan. “Eh… weet je het zeker, Jeroen?” “Kom op!” zei Jeroen enthousiast. “Dit wordt leuk!” Voorzichtig stapten ze in het karretje. Langzaam werden ze omhoog getrokken… klik… klik… klik…

En toen—

WOOOOSH!

Met een vaart schoten ze naar beneden, door het park heen, weer omhoog en weer naar beneden! Jeroen zwaaide vrolijk naar de kinderen langs de kant. “Hééé!” Bambi gilde het uit. “Aaaaaah!” En Postbode Pelle hield zijn pet stevig vast. “Straks waait hij nog weg!” riep hij lachend.

Toen ze weer bij het station uitstapten, liepen ze lachend verder naar de botsauto’s. “Kom op!” zei Jeroen. “We gaan racen!” Samen stapten ze in. Jeroen reed als een echte autocoureur en zat Bambi steeds achterna. “Ik kom je halen!” riep hij lachend.

Maar ineens—

BÓTS!

Van de zijkant knalde Postbode Pelle tegen hem aan. Bambi schoot in de lach. “Haha! Die had je niet zien aankomen!”  Na de botsauto’s liepen ze via een brug verder het park in. Jeroen wees enthousiast. “Kijk! Een dinotrein!” En daarnaast draaide een vrolijke dierendraaimolen. Bambi wees naar links. “En wat is dát?” “Dat is de Hully Gully,” zei Postbode Pelle. Bambi schudde meteen haar hoofd. “Nou… daar ga ik echt niet in. Dan word ik misselijk!” “Dan gaan we in de Dino-Express!” stelde Postbode Pelle voor. Jeroen en Bambi knikten tegelijk. “Goed idee!” Ze namen plaats voorin de trein.

“Choo choo!”

Langzaam zette de trein zich in beweging en reed het achterste deel van het park in. Onderweg kwamen ze langs grote dino’s, scherpe tanden en zwaaiende staarten. “Woooow…” fluisterde Bambi. Ze reden langs een echte dino-achtbaan en daarna door een tunnel vol dino-eieren. “Dit is zo gaaf!” zei Jeroen terwijl hij zwaaide naar andere kinderen. Even later reden ze langs een grote vulkaan… Die ineens vuur spuwde! “WAAAH!” riep Bambi. “Hoe gaaf is dat!” Niet veel later kwamen ze alweer terug in het station.


“Dat was een leuk ritje,” zei Jeroen. “Zeker,” zei Bambi. “Maar ik ben wel blij dat die dino’s niet echt waren…” Ze keek even om zich heen en glimlachte toen. “Maar eh… ik heb eigenlijk wel zin in nóg meer avontuur.” Jeroen keek meteen naar Postbode Pelle. “Dan heb ik iets voor jullie,” zei hij geheimzinnig. “Mijn eigen spookhuis!” “Jouw eigen spookhuis?” vroegen Jeroen en Bambi tegelijk, met grote ogen. “Ja!” zei Postbode Pelle lachend. “Kom maar mee.”

Ze liepen naar een groot, oud huis achterin het park. “Dit is Huyze Pelle,” zei hij. “Het schijnt dat het hier spookt…” Bambi slikte even en kroop een beetje dichter achter Jeroen. “Maar dat valt wel mee hoor,” voegde Pelle er snel aan toe. Binnen was het donker en een beetje spannend. Aan het einde van de gang werden ze begroet door een vrolijke professor. “Instappen maar!” zei hij. “Iedereen opgepast… daar gaan we!”  Langzaam kwam het karretje in beweging. Ze reden langs gekke, spannende en een beetje enge dingen. Maar al snel merkte Bambi dat het eigenlijk best meeviel. “Het is helemaal niet zo eng!” fluisterde ze opgelucht. Na twee rondjes stopte het karretje weer.

Buiten lachte Postbode Pelle. “Zie je wel? Viel best mee toch?” “Ja!” zei Bambi. “Gelukkig wel!”
Jeroen haalde zijn schouders op. “Ik vond het wel spannend… maar ook wel mooi…”
Postbode Pelle grinnikte. “Zeg,” zei hij ineens, “ik heb eigenlijk wel trek gekregen. Hebben jullie zin in een frietje?” “JAAAA!” riepen Jeroen en Bambi tegelijk. Postbode Pelle ging verder: “Hier mag je onbeperkt friet eten, ranja drinken en ijsjes halen!” Nog voordat hij was uitgepraat, renden Jeroen en Bambi al richting de tent. “Hee, zeg… wacht op mij!” riep Postbode Pelle het tweetal achterna.

Even later zaten ze heerlijk te eten. “Wat is jouw favoriete snack?” vroeg Jeroen.
Postbode Pelle dacht even na. “Eigenlijk vind ik alles lekker… maar vandaag ga ik voor een kaassoufflé!”

Toen hun buikjes goed gevuld waren, keek Bambi nieuwsgierig op.  “En wat gaan we nu doen?” Postbode Pelle glimlachte. “Ik heb nog één laatste verrassing. Een gloednieuwe attractie!” “Echt?!” zei Jeroen met twinkelende ogen. “Hij heet Wolkenvaert,” zei Pelle. “Een soort zweefmolen… maar dan héél hoog.”  “Dus we vliegen door de wolken?” vroeg Bambi. Postbode Pelle knikte enthousiast. “Precies!”

Even later zaten ze in de attractie. Langzaam gingen ze omhoog… hoger… en nóg hoger… Ze konden het hele park zien. “Wauw…” fluisterde Jeroen.  “Kijk!” zei Bambi. “Daar is de rodelbaan!” terwijl ze wees. “En daar de Dino-Express!” “En daar mijn spookhuis,” zei Postbode Pelle trots. Nog even zweefden ze hoog in de lucht… en toen gingen ze weer naar beneden.

Beneden aangekomen stapten ze uit. “Wat een geweldige dag!” zei Jeroen. “Ik wou dat nog meer kinderen wisten hoe leuk de Waarbeek is,” zei Bambi. “Het liefst zouden we iedereen meenemen!” Postbode Pelle lachte. “Dat wordt wel een beetje druk…” Hij dacht even na. “Ik heb een idee!”

“Jullie zijn zo creatief,” zei hij. “Bedenk een tekenwedstrijd voor Vakantiekids! En de winnaar krijgt van mij vier kaartjes voor de Waarbeek.”

“Wauw! Wat een leuk idee!” zeiden Jeroen en Bambi in koor.

Ze namen afscheid en maakten nog een foto met Twekky, de mascotte van het park.

Toen ze even later afscheid hadden genomen van Postbode Pelle en daarna het park uitliepen, zei Jeroen:  “Wat een geweldige dag was dit!” Bambi glimlachte.  “Stiekem… wil ik morgen weer!”